Nachtgast – voor Adriaan

Oei,

 

Met deze scheut in mijn longdrinkglas

doe ik echt de deur dicht tot laat op de

zondagmorgen. Als deze borrel dit

half uur verslaat, gaat de wereld open,

ontstaan er acties die films overtreffen.

Dan is de droom een diepdoorwrochte

allesomvattende levensechte schijn die

trillend vele oogbewegingen met

gesloten ogen volgt, de intenties voelt

en emoties loslaat in een overtreffende

onbegrijpelijkheid.

7 August 2011
By on 09:21
Titel cyclus: En de dichter vloog

En de dichter vloog

 

 

Zoals hij zichzelf had geschapen

Met penvingers en bevlogen gedachten

Lokkend en verleidend, fluitend en

Afschuwelijk krijsend. Zijn klauwen

Open, ogen hard geel gericht. Snavel

Als dodelijk wapen, geest naar prooi.

 

De bloedvogel broedt in stoffige

Kantoren, op romantische zolders, in

Slaperige cafxe9s, op toiletten en in

Bedronken nevels van nachtelijke uren.

 

Maar ook overdag in stadscentra, tussen

Bouwkranen, op markten en lallend op

Plaatsen met veel feestgedruis. Onder de

Brandende zon of in flarden mist, zelfs

Regen houdt de bevlogen dichter niet tegen.

 

De bevlogen dichter eet stof van de straat,

Leed van kinderen, wanhoop van ziekte,

Overspel van volwassenen, ja zelfs politiek

Schranst hij de ratelende leeghoofdigheid.

 

En u, kunt u de bevlogen dichter verwachten?

_________________________________________________

Uw oog

 

 

Gedichten zijn als vogels van allerlei

Pluimage, maar hoedt u voor een veel

Voorkomende spreeuwachtige soort.

 

O ja, ze kunnen fraai dansen in de lucht

En duiken dan gestaag het riet in waar

Ze nog volop verder kwebbelen.

 

Toch, daar waarschuw ik u nier voor!

Nee, kijk nooit verwonderd te lang

Omhoog als ze over uw hoofd vliegen.

 

Want er is er altijd eentje bij die u

Zeker raakt met zijn ongebluste kalk,

Precies in uw oog.

______________________________________________

Mooi gedroomd

 

 

Muziek gemaakt met een groepje Ieren,

Hun Dublin geprezen als stad van Grandeur,

Naar hun grappige driemanvoorstelling gekeken,

Hun vrouwen bewonderd. Zij mijn mandolinespel.

 

Ook mooi gedroomd, de poxebzie die ik schreef,

In woorden met de strekking: je moet de tijd

Laten bezinken van zwart naar grijs, bruin en

Groen naar blauw en haal uit de transformatie

De eerste stukken ochtenddauw, geplukt voor jouw.

 

De laatste beelden golden een zilvergroen

Plantendek waarop ik met heel fijne spetters

Hel geel in knoppen aangaf, ook de mooie

Kleur van bloeiend leverkruid spatte van mijn

Hand in een klein wit bed op, de verf was nog nat.

 ____________________________________________

29 July 2011
By on 11:25
poezie op pootjes 2011

    O Den Haag

 

 

Lieflijk leed ademt onze getijden als de lucht

openbreekt kunnen we ons laven aan de

terrassen schuilen in de eerste stoelen op het

strand schuurt de zon verbaal de hemel open

gaat de mond breder praten komt de winter

uit zijn gesloten slaap loopt een rilling grauw

over de huid nog schraal.

 

Maar toch de kracht in de speelse ogen wordt

al wilder er kloppen reeds enige vloeken in

het bloed we kijken onszelf weer verhitter aan

 

Nu de zomer volgegeten bruin en nog dampend

op passionele emotie huivert de eerste verstilling.

Er vallen gebroken bladeren en we harken het

Dorre spoor bijeen.

 

De stad rijpt in de rust winter als kaas bier en

dierlijke warmte zoekend bij elkaar met kleine

stemmen kort boomgezang klepperende woorden

roepen we om de nieuwe lente de stadsooievaar.

 

    Erik Vlaksteeter

2 February 2011
By on 21:25
*

*

Beroep je niet zoveel op je binnenrijm,

Het klinkt niet altijd harmonieus, dat

Mag ook niet; er hoort een onbeschoft

Stuk vloek in te zitten. De onderkant van

Je gevoel.

Beroep je niet te veel op de anderen, ze

Lopen tussen je vingers door als je

Ze echt aankijkt, maar keer je ook niet

Te veel van ze af, ze hebben zachte ogen.

Beroep je op de nacht als je vrij wilt zijn,

In de eindeloze diepte draait elk beeld

Zich ongecensureerd naar je om in

Musea vol verhalen en beelden vol kunst

Laat de dag de natuur zijn, die vogel die

Overvliegt, dat voorjaar dat ademt in elk

Genoegen, laat je adem de bloemen van

De ramen ontdooien, voel je kind in licht.

En als jij er dan ook nog bent, met jouw

Waarde gewicht en waardigheid, mag

Alles gebeuren, scheppen wij het schuim

Van de heksenketel en roeren het gelaten

Moment.

________________________________________

Het ontstaan van een spontane kakofonie

-

Kleuren zijn heel eenvoudig

Rood of blauw, plat neergezet.

In geen diepte beschreven, geen

Hand nog aan de pallet,

Geen klank nog. Geen ballet

Nog geen hels kabaal, geel is

Geel gewoon in taal.

Toch tikt op de achtergrond een

Ritme opkomend op bekken en

Cimbaal; er klinkt een

Tegendraadse vloek, iemand loopt

Grof met de ellebogen over de

Piano. Er lekt een eerste klarinet.

Tegelijkertijd laat een baritonsax

Een onwelriekende scheet, er zit een

Grove teen knoflook in en een rode

Peper bijtende in zijn reet.

De klanken krijgen een meerkleurigheid,

Grijpen alles van waarde bij de keel.

Het linnen danst met dichterswoorden

Wordt geslagen met gesel op de rug.

Striemen blauwbloed drogen paars oranje.

Snappende vingers en krolse lippen.

Koorts kruipt zacht vochtig in het oksel.

Heet fluistert adem in het oor.

Een horde kwelgeesten lucht vleermuizen

In de wind. De lucht stuwt hormonenx85.

25 April 2010
By on 12:49
*

*

Beroep je niet zoveel op je binnenrijm,

Het klinkt niet altijd harmonieus, dat

Mag ook niet; er hoort een onbeschoft

Stuk vloek in te zitten. De onderkant van

Je gevoel.

Beroep je niet te veel op de anderen, ze

Lopen tussen je vingers door als je

Ze echt aankijkt, maar keer je ook niet

Te veel van ze af, ze hebben zachte ogen.

Beroep je op de nacht als je vrij wilt zijn,

In de eindeloze diepte draait elk beeld

Zich ongecensureerd naar je om in

Musea vol verhalen en beelden vol kunst

Laat de dag de natuur zijn, die vogel die

Overvliegt, dat voorjaar dat ademt in elk

Genoegen, laat je adem de bloemen van

De ramen ontdooien, voel je kind in licht.

En als jij er dan ook nog bent, met jouw

Waarde gewicht en waardigheid, mag

Alles gebeuren, scheppen wij het schuim

Van de heksenketel en roeren het gelaten

Moment.

________________________________________

Het ontstaan van een spontane kakofonie

-

Kleuren zijn heel eenvoudig

Rood of blauw, plat neergezet.

In geen diepte beschreven, geen

Hand nog aan de pallet,

Geen klank nog. Geen ballet

Nog geen hels kabaal, geel is

Geel gewoon in taal.

Toch tikt op de achtergrond een

Ritme opkomend op bekken en

Cimbaal; er klinkt een

Tegendraadse vloek, iemand loopt

Grof met de ellebogen over de

Piano. Er lekt een eerste klarinet.

Tegelijkertijd laat een baritonsax

Een onwelriekende scheet, er zit een

Grove teen knoflook in en een rode

Peper bijtende in zijn reet.

De klanken krijgen een meerkleurigheid,

Grijpen alles van waarde bij de keel.

Het linnen danst met dichterswoorden

Wordt geslagen met gesel op de rug.

Striemen blauwbloed drogen paars oranje.

Snappende vingers en krolse lippen.

Koorts kruipt zacht vochtig in het oksel.

Heet fluistert adem in het oor.

Een horde kwelgeesten lucht vleermuizen

In de wind. De lucht stuwt hormonenx85.


By on 12:49
schildergedicht

Gedichtabstract_800

18 March 2010
By on 21:51
Boom

64_boom_gedicht_800

15 March 2010
By on 10:24
*

Wat ik nu hoor

Dat is het geluid

Van een trompet

Uit de bosjes

Zou het een politicus zijn

Uit: x93De Nieuwe Ordex94

5 March 2010
By on 13:04
Een mooie triestheid

*

Een mooie triestheid te beschrijven, een van de vele.

Zoals een schilderij aanvankelijk heel lelijk, onooglijk

Kan zijn. De kleuren vloekend lijken, de spanning

Ondragelijk en de eerste indruk afkeer opwekt, daarin

Schuilt de mooie triestheid, want ergens is er een ingang.

Daar wordt het oog gegrepen door een kleurenstrijd. Vuur

Lijkt het bijna, rood op blauw en om elkaar heen draaiend,

Toch weer snel verdronken in een poel zwart die gist op

Oker en bruin, alsof er in het brouwsel een uitbarsting zal

Ontstaan, die je verschrikt een pas naar achter laat maken.

Je krijgt zelfs de neiging je handen voor je ogen te slaan,

En je voelt de diepte, je wordt er even ingezogen, alsof je

Verdrinkt in een melasse plakkerige massa die zoet smaakt en

Je komt eruit in het blauw het kobalt blauw, in het koude van

De lucht waar je, lijkt het, op de vleugels van een adelaar naar

De zon wordt gedragen, je borst opgezet als een kleine rode

Vogel. Boven de hitte van de zon nadert een paarse oneindigheid.

Je wilt de structuren aanraken, de geur van de lavendel ruiken,

Maar het zijn geen bloemen, eerder de naaktheid van het geloof.

Met enige passen afstand sta je weer voor het totaalbeeld. De

Sfeer is veranderd, de onooglijkheid is gestructureerd en je

Begrijpt de spanning. Heel even kruipt de triestheid door je

Gevoel en het mag als een kus van het leven, je weet

Waar je onder de huid van het beeld kan kruipen.

28 February 2010
By on 14:57
*

*

Bespaar me de tijd

Ze is vervlogen, vergeet de seconde

Ze kan zo hard vloeken

Als je uit het raam staart in het verleden

Je hoort de klanken en ziet de kleuren

Hier en daar laait ook mitrailleurvuur op

Zweeft purperen rook over land en water

En is de horizon nog jong en kinderloos

( je zou zomaar jong hebben kunnen sterven)

Bespaar me de woorden

Ze zijn gestorven in melancholie geproost

En weggedacht in de tijd waarheen

Nog vaak de gedachte afdwalen

En waarin de vergetelheid zijn slag heeft geslagen

Zodat de tuinen paradijselijk hun dag hebben

Verloren

Zoals gezichten hun moment verliezen

Kan ik me alleen aan jou vasthouden

211209

2 February 2010
By on 18:26